Voeding en Gedrag

Dat wat we dagelijks eten heeft niet alleen invloed op onze gezondheid, maar ook op ons gedrag. Iedereen weet dat alcohol onze stemming beïnvloed, dat koffie en cola een oppeppende uitwerking hebben op ons lichaam en dat we van chocola vrolijk worden. Het is duidelijk dat de voeding die wij innemen van invloed is op hoe wij ons voelen en gedragen. Om geestelijk goed te kunnen functioneren is gezonde voeding dus erg belangrijk.

Factoren die ons gedrag beïnvloeden

Gedrag wordt onder andere bepaald door eigenschappen die je van je ouders hebt geërfd, je karakter, het milieu en de cultuur waarin je bent opgegroeid, de opvoeding die je hebt gehad, vrienden waar je mee omgaat en het geloof dat je hebt meegekregen. Daarnaast krijgt voeding de laatste tijd steeds meer aandacht. De medische wereld ziet echter niet veel in de rol van voeding, waarschijnlijk omdat zij daar geen belang bij hebben. Maar verschillende onderzoeken bewijzen wel degelijk dat bepaalde voedingsmiddelen een lichamelijke reactie kunnen geven. Denk hierbij aan driftbuien, hyperactiviteit, angsten, stress en depressies. Vooral sterk wisselend gedrag en veel vage klachten zonder medische oorzaak zijn een goede aanwijzing om eens op voeding te letten.

Gezonde oervoeding

Onze voeding is in de laatste decennia sterk veranderd. Onze verre voorouders aten vroeger vooral groenten, fruit, noten, vis, vlees en eieren waarmee zij veel vezels, vitamines, mineralen en gezonde (omega-3-)vetzuren binnen kregen. De voeding van tegenwoordig bestaat al gauw uit teveel koolhydraten, zout, verzadigde vetten en transvetten. Denk aan al het snoep, chips, snacks en koeken die we eten en de vele koolhydraten in de vorm van suiker, brood, pasta, rijst, aardappelen en melk. Volgens deskundigen op het gebied van oervoeding zijn onze genen helemaal niet gewend aan deze grote hoeveelheden koolhydraten, verzadigde vetten en zout. Dit zou wel eens de vele welvaartsziekten kunnen verklaren waar wij in deze tijd mee te maken hebben.

Additieven, onze huidige voeding staat er bol van

Daarnaast krijgen we tegenwoordig via onze dagelijkse voeding ook tal van additieven binnen in de vorm van geur- en kleurstoffen, smaakversterkers, conserveringsmiddelen en kunstmatige zoetstoffen, de zogenaamde ‘’E-nummers’’. Deze stoffen geven het voedingsmiddel bijvoorbeeld meer smaak, laat het er mooier uitzien of maakt het langer houdbaar. E-nummers zijn door de Europese Unie goedgekeurde hulpstoffen die zijn getest op veiligheid en aan voedingsmiddelen mogen worden toegevoegd. Maar het feit dat het verwerken ervan in voedsel is goedgekeurd, wil nog niet zeggen dat het ook voor iedereen onschadelijk is! Additieven worden namelijk niet onderzocht op het veroorzaken van overgevoeligheidsreacties. Dat is ook een onmogelijke opgave omdat het menselijke organisme bestaat uit zo’n grote genetische variatie, iedereen reageert weer anders op voeding. Zoveel verschillen aan de buitenkant, zoveel verschillen aan de binnenkant. Het is vaak een hele puzzel om erachter te komen welke stoffen niet goed voor je zijn. Sommige stoffen veroorzaken direct na inname al een reactie, andere stoffen bouwen een spiegel op in de loop van de dagen, weken, maanden en soms jaren waardoor de problemen pas later ontstaan en het moeilijker is om de oorzaak te achterhalen.

Het effect van additieven op ons gedrag

Niet alle E-nummers zijn schadelijk. Sommige E-nummers zijn natuurlijke stoffen zoals bijvoorbeeld E162 (bietensap), E300 (vitamine C) en E601 (caroteen uit wortel). Daarentegen wordt het overgrote deel van de E-nummers kunstmatig gefabriceerd waardoor de chemische structuur anders is dan bij natuurlijke stoffen. Kunstmatige stoffen hebben een andere (problematische) uitwerking op het menselijk lichaam dan natuurlijke stoffen. Symptomen kunnen variëren van huiduitslag, huidreacties, concentratieproblemen, ademhalingsproblemen en hoofdpijn, tot problemen met de spijsvertering, misselijkheid, slaapproblemen en hyperactiviteit. Vooral kinderen lijken bijzonder gevoelig voor hyperactiviteit. Bij kinderen zijn gedragsveranderingen als gevolg van voedselovergevoeligheid veel beter waarneembaar dan bij volwassenen omdat zij hun gedrag minder goed onder controle hebben. Kinderen kunnen soms zonder ogenschijnlijke aanleiding ineens onrustig, dwars, onhandelbaar of agressief worden en ruzie maken of hyperactief worden. Dit kan verband houden met stoffen in voeding die kinderen op grote schaal consumeren zoals suiker, frisdranken, snoep, melkproducten en voedingsmiddelen met bepaalde E-nummers.

Gedrag veranderen met de juiste voeding

Door onze voeding te veranderen kunnen we dus ons gedrag veranderen. Er zijn tal van wetenschappelijke onderzoeken gedaan die onderbouwen dat er een relatie is tussen voeding en gedrag. Wist je dat:

  • Volgens Amerikaans onderzoek, waarin de gevolgen van frisdrank op kinderen is onderzocht, jongeren zich gewelddadiger gingen gedragen bij het dagelijks drinken van 3 tot 4 blikjes frisdrank?
  • Volgens Engels onderzoek, in een jeugdgevangenis de agressie en gevechten met 40% afnamen na een periode met goede voeding en aanvullende voedingssupplementen?
  • Er onderzoeken zijn die concluderen dat autisme door voeding kan worden beïnvloed?
  • Bij 60 % van de kinderen met ADHD (opstandig, driftig gedrag) voeding de oorzaak is van de gedragsproblemen?
  • Kinderen die in de eerste jaren tekorten hebben aan omega-3-vetzuren, later sneller hyperactief (ADHD) of agressief gedrag vertonen?
  • Cafeïne, suikers, zoetstoffen als aspartaam en smaakversterkers als ve-tsin, onrust, ongeremd gedrag en angsten kunnen veroorzaken bij mensen die daar gevoelig voor zijn?

Algemene richtlijnen voor gezonde voeding

Volgens aanhangers van het oerdieet ziet het ideale voedingspatroon er als volgt uit;

  • Ontbijt met fruit en noten
  • Lunch met salade en vis
  • Tussendoor noten of fruit
  • Diner met vlees en groenten

Algemene richtlijnen daarbij zijn; wees matig met suiker, zout en verzadigde vetten, vermijd transvetten, drink veel water en eet niet teveel koolhydraten (brood, rijst, pasta, aardappelen) tenzij je zwaar lichamelijk werk doet of intensieve sport beoefent dan heeft je lichaam de energie uit koolhydraten echt nodig.

Gedeeld